Actueel

Januari: infectieziekten bij hond en kat uitgelicht

2 januari 2019

Vaccinaties vormen een onmisbare bijdrage tot de bestrijding van ernstige infectieziekten bij de hond en kat. Door de introductie van effectieve vaccins komen een aantal infectieziekten nauwelijks meer voor. Helaas betekent dat niet dat het gevaar voor besmetting daarmee verdwenen is.  Wanneer er steeds minder honden en katten gevaccineerd worden zal de algemene infectiedruk binnen de populatie toenemen. Om de infectiedruk van een ziekte binnen een gehele populatie (bijvoorbeeld alle honden of katten in Nederland) laag te houden dient een bepaald percentage binnen deze populatie effectieve bescherming (weerstand) te hebben.

In de afgelopen jaren is er wel wat veranderd wat betreft het vaccineren van hond en kat. Tegenwoordig wordt er veel meer naar de individuele (leef)situatie van de hond of kat gekeken. Hierbij wordt een onderverdeling gemaakt in “core vaccins” en “niet-core vaccins”:

* “Core vaccins”: dit zijn de vaccins tegen de ziekten welke ernstige gezondheidsproblemen geven en in het algemeen goed met een vaccin te voorkomen zijn (bijvoorbeeld Parvo en  Hondenziekte bij de hond en Niesziekte bij de kat) en vaccins tegen ziekten welke een hoge infectiedruk geven vanuit de omgeving (in Nederland betreft dat Leptospirose bij de hond).  

* “Niet-core vaccins”:zijn vaccins tegen ziekten die enkel in specifieke situatie voor meer infectierisico zorgen of verplicht zijn. Voorbeelden hiervan zijn de kennelhoestvaccinatie voor pensions en de Rabiësvaccinatie voor reizen naar het buitenland.

Tegenwoordig wordt er veel gesproken over het zogenaamde titeren. Met deze term wordt bedoeld dat er door middel van bloedonderzoek gekeken wordt wat het gehalte aan antilichamen tegen een bepaalde ziekte in het bloed is. Bij een voldoende hoge titer mag men er van uit gaan dat de bescherming nog voldoende is. Helaas is het zo dat niet geldt dat een hogere titer ook langer bescherming biedt. Met andere woorden: er kan geen voorspellende waarde gegeven worden voor wat betreft de duur van de bescherming in relatie tot de titerhoogte.

Zeker wat betreft jonge dieren wordt vanuit de WSAVA (World Small Animal Veterinary Association) het advies gegeven deze een volledige basisenting te geven. Een titerbepaling bij een volwassen dier kan een alternatief zijn voor bepaalde vaccinaties. Mocht u daar meer informatie over willen dan adviseren wij u te bellen naar het telefonisch spreekuur (dagelijks van 8.00-9.00 uur en 14.00-14.30 uur). Voor wat betreft Leptospirose en Niesziekte is een titerbepaling niet mogelijk. Het advies is om deze vaccinaties jaarlijks te herhalen.

Tijdens een jaarlijkse vaccinatie wordt uw hond of kat uitgebreid nagekeken. Dit omdat niet alle problemen aan de buitenkant makkelijk gezien worden. Een jaarlijkse gezondheids- controle signaleert eventuele problemen voortijdig. Weet u hoe zwaar uw hond of kat is en of deze is afgevallen of teveel is aangekomen? Hoe vaak inspecteert u het gebit van uw huisdier op tandsteen en ontsteking? Een vieze lucht uit de mond wordt vaker veroorzaakt door gebitsproblemen dan door het voer! Tijdens een controle wordt hier allemaal naar gekeken.

Ook voor de dieren geldt:  voorkomen is beter dan genezen!